26 november 2022
Opstookprotocol voor eikenhouten vloeren
Ligt er nieuwe vloerverwarming in je woning? Voordat een vloerenlegger dan begint met het leggen van de parketvloer, moet de ondervloer eerst voldoen aan een aantal belangrijke criteria.
Om dit soort zaken vast te stellen, wordt gebruikgemaakt van een opstookprotocol. De aannemer is over het algemeen de verantwoordelijke voor het protocol. Daarom is het belangrijk dat dit goed wordt besproken en afgestemd.
Waarom is het opstookprotocol belangrijk?
- Eventuele gebreken in het watersysteem komen aan het licht.
- Bouwvocht verdwijnt uit de ondervloer.
- Het wordt duidelijk of de bouwvloer op de juiste wijze is aangebracht. Visuele controle op scheurvorming door krimp en controle van een vaste samenstelling van het cement/anhydriet zijn daarbij belangrijk.
- Controle van de temperatuur die de bovenkant van de zandcementvloer bereikt. Deze mag niet hoger zijn dan 28°C.
Direct naar:
Het opstookprotocol bij natte, conventionele vloerverwarming
Het opstookprotocol gebruik je als je de vloerverwarming voor het eerst in gebruik neemt. De zandcement-, beton- of anhydrietvloer kan zo wennen aan de vloerverwarming. Het protocol bestaat uit 5 fasen. De verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de eerste 2 fasen ligt bij de aannemer.
FASE 1 - DROGEN
Laat de dekvloer natuurlijk drogen. De droogtijd is afhankelijk van het type dekvloer: ca. 12 dagen bij een anhydrietvloer en ca. 6 weken bij een zandcement vloer van 5 cm. Elke extra cm zorgt voor ca. 1,5 week extra.
FASE 2 - STAPSGEWIJS OPWARMEN VOOR VISUELE CONTROLE
Als de dekvloer droog is, kan de aannemer starten met het stapsgewijs opwarmen. Tijdens dit proces controleert de aannemer op scheurtjes en lekkages.
- Start op dag 1 met 20°C en verhoog de watertemperatuur elke dag met 5°C totdat deze 40°C heeft bereikt.
- Verlaag hierna de watertemperatuur elke dag met 5°C totdat deze weer 20°C heeft bereikt.
FASE 3 - UITZETTEN
- Zet de verwarming gedurende 5 dagen uit om het restvocht omhoog te laten komen.
- De parketspecialist controleert of de aannemer fase 1 en 2 heeft uitgevoerd.
FASE 4 - RESTVOCHT OPSTOKEN
- Herhaal de stappen uit fase 2.
- Controleer de temperatuur van de dekvloer op de dag dat de watertemperatuur 40°C is. De temperatuur van de dekvloer mag maximaal 28 graden zijn!
- Controleer na het herhalen van fase 2 de temperatuur van de dekvloer. Bij een zandcementvloer is dit maximaal 1,8%. Bij een anhydrietvloer is dit 0,3%.
Let op: het totale opstookprotocol duurt zo’n 23 dagen. Het duurt totaal dus zo’n 7-10 weken vanaf het leggen van de dekvloer totdat het parket gelegd kan worden.
Neem het opstookprotocol serieus. Dit is essentieel voor een goed eindresultaat.
FASE 5 - PARKET LEGGEN
Voor het leggen
Volgens het verwerkingsvoorschrift van de leverancier moet de houten vloer minimaal 48 uur acclimatiseren. Dit gebeurt onder de gebruikelijke omstandigheden van de ruimte waarin de vloer komt te liggen. Houd hierbij rekening met het volgende:
- Tijdens het acclimatiseren mag de temperatuur niet lager zijn dan 15°C en idealiter niet hoger dan 20°C.
- De relatieve luchtvochtigheid moet tussen de 50-65% liggen.
Tijdens het leggen
- Zorg ervoor dat de temperatuur van de werkvloer minimaal 15°C is tijdens het leggen van het parket - ook tijdens het aanbrengen van eventuele voorstrijk of egalisatie.
- Gebruik een lijm die volgens de fabrikant geschikt is voor vloerverwarming.
Na het leggen
- Wacht minimaal 1 dag met het opstarten van het opstookprotocol.
- Verhoog de watertemperatuur met stappen van 5°C tot de maximale watertemperatuur van 35 - 40°C, waarbij de temperatuur van de dekvloer nooit hoger mag zijn dan 28°C. Pas indien nodig de aanvoertemperatuur naar beneden aan.
- Zet de temperatuur 's nachts niet lager. Hout houdt niet van snelle temperatuurwisseling en daarnaast kost een constante temperatuur ook nog minder energie! Als er een constante temperatuur wordt aangehouden, hoeft de vloerverwarming namelijk minder hard te werken. Bij een lage nachttemperatuur daarentegen moet de vloerverwarming veel energie verbruiken om de woonruimte in de ochtend weer op een aangename temperatuur te krijgen.
Het opstookprotocol bij lage temperatuur vloerverwarming
Het opstookprotocol gebruik je als je de vloerverwarming voor het eerst in gebruik neemt. De zandcement-, beton- of anhydrietvloer kan zo wennen aan de vloerverwarming. Het protocol bestaat uit 5 fasen. De verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de eerste 2 fasen ligt bij de aannemer.
FASE 1 - DROGEN
Laat de dekvloer natuurlijk drogen. De droogtijd is afhankelijk van het type dekvloer: ca. 12 dagen bij een anhydrietvloer en ca. 6 weken bij een zandcement vloer van 5 cm. Elke extra cm zorgt voor ca. 1,5 week extra.
FASE 2 - STAPSGEWIJS OPWARMEN VOOR VISUELE CONTROLE
Als de dekvloer droog is, kan de aannemer starten met het stapsgewijs opwarmen. Tijdens dit proces controleert de aannemer op scheurtjes en lekkages.
- Start op dag 1 met 20°C en verhoog de watertemperatuur elke dag met 5°C totdat deze 35°C heeft bereikt.
- Laat de watertemperatuur 3 dagen op 35°C staan.
- Verlaag hierna de watertemperatuur elke dag met 5°C totdat deze weer 20°C heeft bereikt.
FASE 3 - UITZETTEN
- Zet de verwarming gedurende 5 dagen uit om het restvocht omhoog te laten komen.
- De parketspecialist controleert of de aannemer fase 1 en 2 heeft uitgevoerd.
FASE 4 - RESTVOCHT OPSTOKEN
- Herhaal de stappen uit fase 2.
- Controleer de temperatuur van de dekvloer op een dag dat de watertemperatuur 35°C is. De temperatuur van de dekvloer mag maximaal 28 graden zijn!
- Controleer na het herhalen van fase 2 de temperatuur van de dekvloer. Bij een zandcementvloer is dit maximaal 1,8%. Bij een anhydrietvloer is dit 0,3%.
Let op: het totale opstookprotocol duurt zo’n 23 dagen. Het duurt totaal dus zo’n 7-10 weken vanaf het leggen van de dekvloer totdat het parket gelegd kan worden.
Neem het opstookprotocol serieus. Dit is essentieel voor een goed eindresultaat.
FASE 5 - PARKET LEGGEN
Voor het leggen
Volgens het verwerkingsvoorschrift van de leverancier moet de houten vloer minimaal 48 uur acclimatiseren. Dit gebeurt onder de gebruikelijke omstandigheden van de ruimte waarin de vloer komt te liggen. Houd hierbij rekening met het volgende:
- Tijdens het acclimatiseren mag de temperatuur niet lager zijn dan 15°C en idealiter niet hoger dan 20°C.
- De relatieve luchtvochtigheid moet tussen de 50-65% liggen.
Tijdens het leggen
- Zorg ervoor dat de temperatuur van de werkvloer minimaal 15°C is tijdens het leggen van het parket - ook tijdens het aanbrengen van eventuele voorstrijk of egalisatie.
- Gebruik een lijm die volgens de fabrikant geschikt is voor vloerverwarming.
Na het leggen
- Wacht minimaal 1 dag met het opstarten van het opstookprotocol.
- Verhoog de watertemperatuur met stappen van 5°C tot de maximale watertemperatuur van 35 - 40°C, waarbij de temperatuur van de dekvloer nooit hoger mag zijn dan 28°C. Pas indien nodig de aanvoertemperatuur naar beneden aan.
- Zet de temperatuur 's nachts niet lager. Hout houdt niet van snelle temperatuurwisseling en daarnaast kost een constante temperatuur ook nog minder energie! Als er een constante temperatuur wordt aangehouden, hoeft de vloerverwarming namelijk minder hard te werken. Bij een lage nachttemperatuur daarentegen moet de vloerverwarming veel energie verbruiken om de woonruimte in de ochtend weer op een aangename temperatuur te krijgen.
Het opstookprotocol bij droogbouw- en renovatievloerverwarming
Bij een ingeslepen vloerverwarming in een droge afwerkvloer of bij droogbouwsystemen kun je binnen 24 uur na installatie het vloerverwamingssysteem verwarmen en direct de pakketvloer monteren.
Temperatuur dekvloer
Let op: bij installatie moet de temperatuur van de dekvloer minimaal 15°C zijn om hierop te kunnen verlijmen.
Vochtgehalte
Het maximale vochtgehalte bij het aanbrengen van de parketvloer is 1,8% voor een cementgebonden dekvloer en maximaal 0,3% voor een anhydrietvloer. Vraag de voorschriften van je leverancier.
Voor het leggen
Volgens het verwerkingsvoorschrift van de leverancier moet de houten vloer minimaal 48 uur acclimatiseren. Dit gebeurt onder de gebruikelijke omstandigheden van de ruimte waarin de vloer komt te liggen. Houd hierbij rekening met het volgende:
- Tijdens het acclimatiseren mag de temperatuur niet lager zijn dan 15°C en idealiter niet hoger dan 20°C.
- De relatieve luchtvochtigheid moet tussen de 50-65% liggen.
Tijdens het leggen
- Zorg ervoor dat de temperatuur van de werkvloer minimaal 15°C is tijdens het leggen van het parket - ook tijdens het aanbrengen van eventuele voorstrijk of egalisatie.
- Gebruik een lijm die volgens de fabrikant geschikt is voor vloerverwarming.
Na het leggen
- Wacht minimaal 1 dag met het opstarten van het opstookprotocol.
- Verhoog de watertemperatuur met stappen van 5°C tot de maximale watertemperatuur van 35 - 40°C, waarbij de temperatuur van de dekvloer nooit hoger mag zijn dan 28°C. Pas indien nodig de aanvoertemperatuur naar beneden aan.
- Zet de temperatuur 's nachts niet lager. Hout houdt niet van snelle temperatuurwisseling en daarnaast kost een constante temperatuur ook nog minder energie! Als er een constante temperatuur wordt aangehouden, hoeft de vloerverwarming namelijk minder hard te werken. Bij een lage nachttemperatuur daarentegen moet de vloerverwarming veel energie verbruiken om de woonruimte in de ochtend weer op een aangename temperatuur te krijgen.
Let op: om condensvorming te voorkomen is het belangrijk dat de eigenaar van het pand een aantal dagen voordat de vloer gelegd gaat worden de vloerverwarming alvast aan zet.